Thuis

Ik zit thuis.  Bij mijn ouders dan, of alleszins toch die plaats die ik altijd “thuis” ben blijven noemen.  Met de connotatie van “thuis” in de zin van de plaats waar men zich ook “echt” thuis voelt, een réfuge, waar men zich veilig waant van de boze wereld.  Of zoiets.  Alleszins curieus, dat ik na jaren samen- en alleen wonen , en dan nog wel op verschillende plaatsen, er nog steeds niet in geslaagd ben om één van die plaatsen met volle goesting en overtuiging “thuis” te noemen.

Gezien het op zoveel plaatsen en steeds andere omstandigheden was, had ik schijnbaar toch in staat moeten zijn om toch ergens een keuze te kunnen maken, en het oude ouderhuis stilaan, en onbewust te laten vervreemden, alhoewel ik vermoed dat het voor de meesten onder ons nog steeds een stukje thuis blijft, zelfs al wordt de oude slaapkamer ondertussen voor geheel andere doeleinden gebruikt.    Zoals die van mij, waar nu een kinderbed staat en ik de eerste dagen op een luchtmatras heb geslapen, vooraleer het oude bed terug in elkaar geschroefd was.

Misschien verbleef ik gewoonweg niet lang genoeg op die andere plaatsen om er een “thuis” van te maken, net zoals die eerste keer toen ik ging samenwonen, en jarenlang op een hypermodern appartement woonde, op de grens met de Kempen, en dat ik – tot afgrijzen van de toenmalige vriendin – steeds “ons appartement” noemde in plaats van er gewoonweg “thuis” van te maken.  Ik voelde mij dan ook absoluut niet thuis in dat verneutelde dorp waar ik geen fuck mee te maken had, en enkel om praktische redenen was uitgekozen, laat staan dat ik er me “thuis” voelde, en een veilig en vertrouw onderkomen vond, in een appartement dat net iets te nieuw en afgelikt was voor mijn persoonlijke smaak.  Om nog maar te zwijgen van het kleine kot van 29 m², even groot als het terras van het eerder beschreven appartement, waar ik achteraf terechtkwam.  Om praktische redenen in de stad van A, die ik voordien enkel van de zatsels na het werk kende, en waar ik plots ook moest zien te functioneren.  Negenentwintig vierkante meter, en dan nog peperduur ook, maar in de rapte toch gehuurd om snel terug een dak boven het hoofd te hebben omdat ik het ongetwijfeld geen 2 weken thuis zou kunnen uithouden, dacht ik toen, terwijl ik hier nu al zeven maanden zit.  Negenentwintig vierkante meter waar ik het zowaar vier jaar heb uitgehouden – hoe ik dat deed begrijp ik nog steeds niet – zonder dat ik het ooit “thuis” heb kunnen noemen, en het aldus steeds over mijn “kot” had, want zo voelde het ook aan.

Toen ik daarna mijn eerste flat kocht in Mechelen, en daar veel bloed, zweet en zuurverdiende spaarcenten had ingestoken, kwam ik na een aantal maanden tot de vaststelling dat er toch iets van een “thuisgevoel” begon  te groeien.  Misschien waren het de zuurverdiende centen, of het besef dat dit helemaal van mij was, maar ik was daar graag, en kwam er graag “thuis”.  Om niet veel later dan toch maar, met eener madam, een huis te kopen omdat het a) een koopje was en b) de technisch-rationele parameters vertelden dat het “goed” was.  Een nieuwe “thuis” dus, die voorwaar, volgens die rationele parameters wel eens voor altijd “thuis” zou kunnen zijn. Of beter nog, zou moeten zijn.

Ook technisch-rationele parameters kunnen volledig fout zitten, en de thuis in die kneuterige negorij aan de rand van Brussel werd al gauw een nachtmerrie waardoor een mens al gauw van een koude kermis  thuiskomt.  Oost west, thuis best, maar dan sinds een tijdje bij mijn ouders, waar er dan toch iets is wat niet klopt met het aloude thuisgevoel wat ik me van vroeger herinnerde.  Tijd om een nieuwe “thuis” te creëren dus, en ik ben benieuwd hoe lang het dit keer gaat duren.  Nog  minder dan 3 weken wachten..!

Advertenties

14 thoughts on “Thuis

  1. Ik denk dat ik het echt niet meer zou kunnen… teruggaan. Waarschijnlijk betekent dat dat ik wel een echte thuis gevonden heb. Veel succes in de volgende poging ! Go for it ! & Stick to it ?

  2. Een mens legt al eens wat wegen af om zich ‘thuis’ te voelen nadat hij het huis van ma en pa heeft verlaten. Het kan van de eerste keer raak zijn, maar dat geluk is niet voor de meerderheid weggelegd, denk ik.
    Toen ik voor het eerst het ouderlijke huis verliet ging ik samenwonen met mijn vriend, die later mijn echtgenoot werd. We woonden eerst 2 jaar in een kleine studio en kochten dan ons eigen huis. Daar heb ik altijd heel graag gewoond, het voelde vele jaren echt als mijn thuis. Tot zowel onze wegen als wijzelf scheidden, en ik introk in een appartement. Als bij wonder woonde ik er graag, ik kon er al gauw echt thuiskomen. Na 2 jaar single geweest te zijn kreeg ik een relatie en na een jaar zegden we beide ons appartement op te gaan samenwonen in een dorp dat ik ook van haar noch pluimen kende. We huurden er een heel mooi recent groot open huis, doch dat huis heb ik nooit als een ‘thuis’ aangevoeld. Na 5 maanden vluchtte ik van dat huis en zijn inwoner weg nam mijn toevlucht in het leegstaande huisje van mijne pa. Daar logeerde ik 3 maanden, waarna ik het appartement van mijn ex echtgenoot betrok, die net een huis had gekocht met zijn toenmalige vriendin. Daar heb ik 3 jaar gewoond, tot ik de kans zag om naar een ruimer, kwalitatief veel beter appartement te verhuizen, wat ik dit jaar in februari heb gedaan. Hier ben ik weer echt ‘thuis’. Het is hier zalig wonen.
    Ik blijf hier wonen tot mijn lief en ik eventueel ooit eens overwegen om te gaan samenwonen.
    Dus eigenlijk is de weg naar een echte thuis voor mij nog steeds niet afgelopen…
    Het leven is een weg, geen bestemming.

  3. Ik ben al zeer jong thuis weggegaan (of moet ik zeggen aan de deur gezet) maar ik heb me op al mijn plekjes zalig thuisgevoeld. Zelf in de meest sjofele plek wou ik altijd een gevoel van luxe creëren. Ons vorig huisje was een krot maar o, wat waren we gelukkig. We kregen er op korte tijd drie kinderen en beleefden er gelukkige tijden. Achteraf zijn we naar een grotere woonst verhuisd, wat meteen ook duurdere maandaflossingen met zich meebracht. Renovatie, kredietcomfortleningen, duurdere verzekeringen ook. Maar nu hou ik van dit huis waar de kinderen graag terugkomen na een week op kot. Waar hun vrienden af en toe blijven slapen.
    Mechelen lijkt me wel een gezellige stad, succes ermee…

  4. Home is where the heart is … of om het even waar er een Stella klaar staat?
    (dat mag ook ne Jupiler, ne dubbelen tripel of nen anderen dinges zijn … )

    Ik voel iets warms als ik mijn straat in rij en mijn huisje zie, het gevoel: “Hee, dit is van mij! Hier heb ik kei-hard voor gewerkt, hier ben ik fier op en niemand mag mij dat nog afnemen!”
    Die zekerheid, dat geeft rust en maakt dat het fijn thuiskomen is.

    Ik wens het jou ook toe 🙂

  5. Nou, dat noem ik nog eens een uitgebreid antwoord op mijn vraagje eerder.

    Je zou volgende keer ‘deze thuis’ kunnen houden (als je nog eens zijstappen met madammen maakt) en verhuren? Dan heb je altijd iets achter de hand.
    Zo hebben wij al vele jaren plezier van de huuropbrengst van moose zijn appartement in Antwerpen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s