Vrouwenpraat

Na ettelijke pinten bier komen de tongen los. Mijn collega tooghanger zag er al niet te pips uit en het was duidelijk dat er een en ander knaagde.

“Waarom zeggen vrouwen nooit waarom het draait?”, kwam er uiteindelijk uit.

Mja, daar vroeg hij zoiets, en ook ondergetekende heeft zich meermaals geërgerd aan het indirecte taalgebruik van (sommige?) vrouwen.  Om even kort door de bocht te gaan: “5 minuten” zijn in werkelijkheid een half uur, en “ja” dient uiteraard als “nee” geïnterpreteerd worden en vice versa. Of erger nog, het moeten “raden” naar een probleem of gemoedsgesteldheid, en gezien ik nog steeds niet over telepathische eigenschappen beschik kan ook dit wel enige ergernis mijner zijde opwekken.

Ik kwam er dus niet uit, tot ik – al snuisterend in de oude bibliotheekkast op zolder – het boekje “Waarom mannen liegen en vrouwen altijd schoenen kopen” onder de ogen kreeg. Daar ik nog niet te maken had met aan schoenen verslaafde vrouwen, laat ik de titel geheel terzijde, maar vond wel een uitleg voor het probleem van de indirect vrouwelijke communicatie. Het blijkt allemaal te maken te hebben met onze verre grotbewonende voorouders : het indirect taalgebruik dient om een goede verstandhouding op te bouwen door agressie, confrontaties of onenigheid uit de weg te gaan. En gezien zo een grot door meerdere stellen (en dus ook “concurrerende” vrouwen) tegelijk bewoond werd, was het dus een kwestie om door dit soort van indirecte communicatie de goede vrede te bewaren. Of dan toch bij de vrouwen onderling. Mannen, voorgeprogrammeerd met de mogelijkheid om zich maar op één ding te concentreren – de jacht – nemen die woorden letterlijk op, met alle misverstanden van dien. Afin, dat weten we dus ook, en ik vraag me af waar de auteurs nog een holbewoonster hebben gevonden om het allemaal na te vragen.

Ik meen begrepen te hebben dat er heden ten dage nog veel neanderthalers rondlopen, die menige vrouw tot waanzin drijven, en waar ik enkele een diepe compassie voor kan voelen (voor beiden). Maar gezien ik reeds jarenlang mijn best doe om mijn meest primitieve eigenschappen te onderdrukken en me enkel als fijnbesnaarde gentleman te manifesteren, is het dan enigszins mogelijk – voor sommige van mijn vrouwelijke medemensen – om ook mee te evolueren naar de 21e eeuw? Ik dank u, en mijn collega tooghanger ook.